Separatieangst

Separatieangst

Lees hier meer over separatieangst

Separatieangst

Lees hier meer over separatieangst

Wat is verlatingsangst of separatieangst in het kort?

  • Iemand met separatieangst is heel erg bang om gescheiden te worden van degene aan wie hij/zij gehecht is
  • Bij een separatieangststoornis past de overmatige angst niet meer bij de leeftijd
  • Er is sprake van langdurige en overmatige bezorgdheid dat de hechtingspersoon iets overkomt
  • Er treedt angst en stress op wanneer de hechtingspersoon uit de buurt dreigt te gaan
  • De angst geeft problemen in het dagelijks functioneren
  • Wordt ook wel scheidingsangst genoemd
  • Separatieangst komt het vaakst voor bij kinderen

Wat is separatieangst?

Separatieangst is de overmatige angst om gescheiden te worden van degene aan wie we gehecht zijn. Bij kinderen gaat dit meestal om de ouders of verzorgers. Bij peuters tussen de 8 en 18 maanden is separatieangst (verlatingsangst) en eenkennigheid normaal. Bij kinderen is pas sprake van een separatieangststoornis als het gedrag niet meer past bij de leeftijd.

Mensen met separatieangst zijn vaak overbezorgd dat de ander iets ernstigs overkomt, zoals ziekte of overlijden. Ze weigeren van huis weg te gaan, of gaan slechts met grote tegenzin. Ze hebben er ook grote moeite mee als de ander van huis weggaat. De angst of vrees is voortdurend aanwezig en leidt tot beperkingen in het functioneren.

Wat zijn symptomen of kenmerken van verlatingsangst of een separatieangststoornis?

Voor een separatieangststoornis moet minstens sprake zijn van drie van de volgende kenmerken:

  • Terugkerend buitensporig van streek zijn door het verwachten of ervaren van een scheiding van thuis of belangrijke anderen
  • Aanhoudende en buitensporige bezorgdheid over het verliezen van belangrijke anderen of bezorgdheid dat hen iets kan overkomen
  • Aanhoudende en buitensporige bezorgdheid over het meemaken van een gebeurtenis, die leidt tot de scheiding van belangrijke anderen, zoals verdwalen
  • Aanhoudende tegenzin of weigering om door de scheidingsangst ergens naartoe te gaan
  • Aanhoudende en buitensporige vrees of tegenzin om thuis of elders alleen of zonder belangrijke anderen te zijn.
  • Aanhoudende tegenzin of weigering om ergens anders dan thuis te slapen of te gaan slapen zonder dat een belangrijke ander in de buurt is
  • Herhaaldelijke nachtmerries over gescheiden te zijn of verlaten worden
  • Herhaaldelijke lichamelijke klachten, zoals hoofdpijn, buikpijn of misselijkheid, op het moment dat een scheiding van de ander plaatsvindt of wordt verwacht

Hoe vaak komt separatieangst voor?

Separatieangst komt bij vrijwel alle kinderen een keer in hun ontwikkeling voor. Dit is heel normaal. Een separatieangststoornis komt bij 1 tot 2% van de bevolking voor. Bij kinderen wordt dit geschat op 4%. Dit is de meest voorkomende angststoornis bij kinderen.

Hoe worden separatieangst en andere hechtingsproblematiek behandeld?

Een psychologische behandeling kan helpen om de angst te overwinnen. Van cognitieve gedragstherapie en exposure (blootstelling aan gevreesde situaties) is aangetoond dat ze tot positieve resultaten leiden. Soms wordt medicatie voorgeschreven, met name antidepressiva. Bij kinderen en jongeren tot 20 jaar wordt het gebruik hiervan sterk afgeraden. Het advies is om te starten met alleen een psychologische behandeling.

Hechtingsproblematiek kan overgaan wanneer kinderen ervaren dat zij ook op een positieve manier emotioneel kunnen omgaan met mensen om zich heen. Het kunnen vertrouwen en bouwen op een stabiele en veilige woonplek is daarbij van groot belang. Vormen van therapie die kunnen helpen bij hechtingsproblemen zijn schematherapie, Emotion Focused Therapie en gezins- of systeemtherapie.

 

 

Hoe zit het precies met hechtingsstoornissen beschreven in de DSM-5?

Wanneer jij verzekerde zorg krijgt (zorg die valt onder de basisverzekering) is een van de voorwaarden dat er een stoornis wordt vastgesteld. Alleen dan kan de zorg vergoed worden vanuit de basisverzekering. Alle psychiatrische stoornissen zijn verzameld in de DSM-5. De DSM-5 is het handboek voor de classificatie van psychische stoornissen.  

Een belangrijke kanttekening om bij de DSM-5 te maken is dat de stoornissen die hierin vermeld staan geen diagnoses zijn. De stoornis wordt beschreven aan de hand van een lijstje met symptomen. Voldoe je hieraan, dan 'heb' je deze stoornis. De stoornis of het label zegt alleen niets over hoe het komt dat je deze klachten ervaart. Het geeft geen verklaring.  

Voldoe jij aan de kenmerken van een stoornis? Dan is die stoornis dus niet de reden dat je klachten hebt, maar slechts een beschrijving van jouw klachten. Wat dan het doel is van het gebruik van de DSM? Het helpt om klachten in duidelijk afgebakende categorieën te kunnen plaatsen. Zo weten we met elkaar iets beter waar we over spreken en hoe we klachten willen behandelen. 

Wil jij meer lezen over de DSM-5 en hoe Psycholoog.nl hiermee omgaat? Klik dan hier.